69 – onder zwijgen

Rec. Start

 

– Iris : Niemand kon Sammy plaatsen, hij hoorde nergens bij stond overal buiten.

– Anker : Huh?

– Iris : We hebben ondertussen wel verschillende verwensingen aan zijn adres gehoord, Anker, en vele mensen die een heleboel positieve dingen over hem zegden, maar niemand kon eigenlijk zeggen dat hij het gevoel had of die Sammy eigenlijk wel kende.

– Anker : Ja wanneer je je afsluit, wanneer je zelf met niemand contact wil…

– Iris : Ja da is ook zo… maar … er moet een welbepaalde reden geweest zijn waarom

– Anker : Tja… daar zoeken we nu al een hele tijd naar.. we vallen in herhaling! -is het niet eenvoudiger om zeggen dat Sammy gewoon alleen wou zijn, dat hij zo één van die mensen was die het liefst op zijn eentje leefde, niet iedereen is een sociaal wezen, niet iedereen wil overal steeds bijhoren. Denk maar aan kluizenaars bijvoorbeeld.
Rust vind je niet tussen de massa.
Wanneer jij aan meditatie doet dan sluit je je toch ook af? Dan wens je toch ook niet gestoord te worden – waarschijnlijk hoeven we niet verder te zoeken.
Iemand kan gewoonweg zo geaard zijn dat hij niet erg op gezelschap gesteld is.

– Iris : Ja, wellicht, …zo zal het zeker voor een stukje zijn, dat is duidelijk, hij heeft het ook haast heel zijn leven alleen uitgehouden, en ook de hobbies die hij had betrokken hem niet bij de anderen, hij maakte schilderijen, bracht veel tijd alleen door op zijn atelier hier.

– Anker : Hm, …maar soms vind ik hem zielig. Sammy roept soms medelijden op. En aan de andere kant ook wrevel, die wrevel die een narcistisch iemand kan oproepen – ik stel mij hem soms voor als iemand die steeds het gelijk wilde halen, die nukkig was, die zich boven de anderen verheven waande.

– Iris : Ja, dat heb ik nog gehoord, maar mensen die hem beter hebben gekend zeggen dan weer precies het tegenovergestelde: “dat hij veel te goed was voor deze wereld” en zelfs: dat hij mensen bijstond die door iedereen waren verlaten, dat hij steeds bereid was te luisteren naar iemand met problemen.
– Anker : Een vat vol tegenstellingen…

 

(stilte)

 

 

– Iris : In zijn jonge jaren heeft hij wel heel wat weg afgelegd, …zich bijna toegelegd op de omgang met anderen – hij bewonderde toen enorm eender die daar sterk in was, die vlot was in de omgang, dat was hij helemaal niet…

– Anker : …Zoals iemand in een rolstoel een danser kan bewonderen?

– Iris : …vlot in de omgang was hij in geen geval. Niet iemand die roddelde of plezier had in een babbeltje
– Anker : Ieder gesprek was voor hem een opgave …”alsof het op mijn kosten werd gevoerd” schrijft hij ergens – “alsof zijn taximeter draait bij ieder contact” maar dat de rekening steeds voor hem is.

– Iris : Tja, niet eenvoudig, (…) Wat denk je? …er even mee stoppen? de boeken sluiten?

– Anker : Zijn we eigenlijk wel ooit naar iets op zoek geweest?

– Iris : Anker, wat mij wel bezig houdt …is het feit dat… hoe zou ik het kunnen noemen… dat iedereen de dingen zo vaak en zo gemakkelijk klasseert!

– Anker : Hoe bedoel je?

– Iris : Bijvoorbeeld psychoanalyse.

– Anker : Psychoanalyse!? Wat wil je daar mee zeggen?

– Iris : Ken je Sigmund Freud?

– Anker : Ooit wel van gehoord, soms grappig gevonden, maar nooit echt goed begrepen.

– Iris : Freud gaat onder andere grappen en humor analyseren, en die duizende kleinen dingen van iedere dag, waar we geen aandacht aan besteden. – Het verspreken en vergissingen, het vergeten van dingen, en waarom we om iets moeten lachen…

– Anker : Ja?

– Iris : Wel, Anker, door onze aandacht – door onze “andere aandacht” aan dingen te geven kunnen we even onder de uiterlijke schijn ervan kijken.
Daarom was Freud ook zo erg in de droom geïnteresseerd. Iets van de slaap – waar toen niemand aandacht voor had. Door aan die kleine menselijke dingen studie te besteden kon hij verborgen inhouden over onze cultuur onze maatschappij ontdekken, en ook wat daar ziekmakend in kon zijn, het “onbehagen” noemde hij dat.

– Anker : Bedoel je dat we de richting van een psychoanalyse uit moeten gaan?

– Iris : Ik denk wel dat dat zou helpen, dat we hem daardoor beter zouden kunnen begrijpen…

– Anker : Hmm,- wel, kan jij psychoanalyse toepassen?

– Iris : Neen, natuurlijk niet, ik heb er enkel veel over gelezen, en eigenlijk moet je daarvoor iemand aan de praat kunnen krijgen
en dat kan duidelijk niet, want Sammy is niet meer.

– Anker : Aan de praat krijgen?
– Iris : Ja, hij moet praten, vrij associëren.

– Anker : En wat dan?

– Iris : Dan moet de analist de precieze vragen stellen, of Hmm zeggen – meer niet.

– Anker : Kunnen mompelen en zuchten is dus genoeg om psychoanalyst te spelen? Lijkt mij geen moeilijk beroep. Ik zou dat in verschillende vormen en toonaarden kunnen – ik zou bijvoorbeeld (in verschillende toonthoogten en stemetjes)mmmm!”  of “hmmm” of “ha zo!” kunnen zeggen – of “wel, wel, wel” – lijkt mij helemaal niet moeilijk om analyst te kunnen worden! (grinnikt)

– Iris : Ja! lach jij maar!

– Anker : Mijn grootvader ging wel bij de sjamaan van ons dorp – hoe heette hij ook al weer?  Ik herinner mij een oude grote magere man, steeds in traditionele kleding, alsof hij zijn taak nooit van zich aflag – Toen grootvader regelmatig hoofdpijn had, vroeg hij de sjamaan om hulp – en dat hielp wel, ik weet niet hoe die sjamaan dat aanpakte, misschien neuriede hij ook wel “hmm” of and “aum” (lacht) Maar grootvader was daarna verlost van hoofdpijn …

– Iris : Anker, wanneer je niet ernstig kan zijn dan houden we er voor vandaag mee op. Ik geloof in natuurlijke genezingswijzen. – Of Freud het bij het rechte eind had, dat laat ik in het midden, de tijden zijn ondertussen erg veranderd, en de zeden eveneens! Volgens Freud kwam alle kwaad van de libido wanneer die geen rechte weg naar bevrediging kon vinden en daartoe andere, complexe wegen zocht om zich te bevredigen, die als een soort obstructie de psyche bedwongen…

– Anker : “obstructie” daar zeg je me wat, – zwijgen als een vorm van obstructie.- Maar welke seksuele betekenis zou je die dan brengen?

– Iris : Dat weet ik niet zo direct. Je zou kunnen zeggen dat Sammy bijvoorbeeld homoseksuele gevoelens koesterde, daar werd in die tijd moeilijk meer omgegaan. Dat hij daardoor zijn gevoelswereld niet kon delen. Ook niet met zijn ouders. Maar andere feiten spreken dat dan weer tegen. – Hij kende wel wat succes bij vrouwen toen hij een jonge man was! Hij is verschillende keren erg verliefd geweest en had in die tijd ook een erg actief seksueel leven (wend blik af, wordt stil, bloost bijna zichtbaar)

– Anker : Psychoanalyse? (…) bof! – Wat ik nu plots heel erg vreemd vind is dat hij zoveel schreef, -zweeg maar schreef – blijven zwijgen maar blijven schijven- wat zegt dat dan over hem?
Iemand weigert te spreken, sluit zich af voor contact, maar heeft tegelijk toch behoefte tot schrijven en schilderen, hoe rijm je dat aan elkaar?

-…

 

rec. stop

57 – Schijn-luisteren

Sammy werd zo’ één van die kinderen waarvan men zegt zei dat ze veel aan hun ouders te danken hebben.
Jongeren die schuw zijn, gebogen lopen, met handen in de zakken, die niet of nauwelijks opkijken, niet antwoorden, iets te beleefd zijn, onzeker zijn en vooral stotteren wanneer ze proberen een woord uit te brengen, die weinig of geen vrienden hebben, niet bijster zijn op school, bij niets betrokken zijn, geen jeugdbeweging, geen sport,
Die thuis zitten, voor tv, of lezen, of zich lang eenzaam afzonderen op hun kamertje en door het raam turen –
Sammy had minder en minder vrienden en op de duur helemaal geen meer.
zijn studies verliepen slecht, hij moest overzitten en het ging alsmaar slechter.
Hij sprak nog enkele woorden wanneer hem iets werd gevraagd en op de duur zei hij helemaal niets meer
Hij alleen aan de bank in de onpare klas
Hij kreeg het moeilijk met ongeveer alles.
Leed regelmatig aan migraine, keelontstekingen
voelde zich suf van de hooikoorts
wist niet meer wat levenslust was
Het dagelijks bestaan stond voor hem als een opgave.
Zijn toekomst, een zwaar blok dat hij ternauwernood in beweging zou kunnen brengen
Zijn lijf voelde loom. Dat zelfs iedere vertering als een belastende taak volbracht.
Anderen betekenden voor Sammy storingen in verschillende vormen.
Anderen waren pijn in wijzigende gestalten. Nooit brachten zij rust of vriendschap, steeds op de hoede zijn…
Hij zag geen toekomst, tenzij die van een grijze bediende, een dwalende schaduw in een suf kantoor.
en hij zat nog op de schoolbanken…
De lessen konden zijn aandacht hooguit enkele minuten vast houden, alvorens ze eindeloos afdreven.

Sammy was expert geworden in schijn-luisteren. Zijn ogen volgden de leraar maar zijn gedachten wandelden hun eigen wegen.
Ouders hadden hem in de economieklas gedumpt
Omdat ze aanvoelden dat hij dat het meeste haatte en nooit zijn weg tussen cijfers en handel in goederen vinden zou?

Was dat zo? Aan hem kon je dat niet vragen.
Hij wist nooit wat hij wou, welk beroep hij zou kiezen…
en de leerkrachten zagen ook niets in hem –
of beter gezegd niemand vond het zijn taak of zijn functie om enige moeite te ondernemen om Sammy te begrijpen.
de tijd verstreek, hij groeide op, werd een jongeling
hij leed
en dat was alles

30 – De Strip

 

 

-Allee, Nokel Fons judast dat wolfbeest nog eens dan kunnen de kadeekes nog eens lachen!
Die onnozele nonkel Fons kotert met zijn wandelstok tussen de tralies en slaat toevallig de sluitpin van het wolvenkot los.

-Hee wacht eens Siske! Waarom gaan die mensen plots lopen?

De wolf wie dat gejudas al lang zijn wolvenbotten uithangt springt belust op wraakt uit zijn hok.

-Rap in de boom Siske! Die wolf is uitgebroken!

Halverwege struikelt Siske over haar eigen voeten en…

-Lopen Limbak met Siske in een boom!

-Vooruit Eusebie, gij ook de boom in! ‘t Ziet er een woest bijtbeest uit!!

-Pfff! Als ge denkt dat ik mij voor zo’n schoothondje derangeer!

-Eusebie als ge het niet voor u zelf doet, doe het dan voor dat beest…’t zal zijn tanden op uw knoken verbrijzelen!

-Er zal hier juist niets te verbrijzelen vallen…Ik steek hem binnen twee minuten terug in zijn kot!

De wolf die van het knokenetende soort is stormt likkebaardend op Tante Eusebie.

-Houd u koest en werp mij liever uw allumeurke eens!

Limbak gehoorzaamt verbaasd en wanneer de razende wolf nog enkele passen van haar verwijderd is. Steekt tante Eusebie kalm haar papaplu in brand.

-’t zal wel rieken want de mot zit erin! Maar dat is zelfs nog beter!

Zoals alle wilde dieren bevreesd voor vuur vlucht de wolf ijlings in zijn hok.

– Oef! Water en bloed heb ik gezweet!
Eusebie waar hebt gij dat geleerd?

Een foto toont de kleine Sammy die schrijlings zit op de armleuning van de clubfauteuil onder een lampadaire terwijl papa hem dit voorleest.

Papa leest uit het rode boekje waar Sammy alleen nog maar de prentjes van kan begrijpen. De geheimzinnige lettertekens worden door papa met stemmetjes tot leven gebracht.

Telkens moest papa deze bladzijde lezen, tot Sammy’s groot jolijt.
Wanneer Sammy het verhaal reeds kende veroorzaakte het voorzien van de afloop ervan dubbel plezier.