.

72 – Massage

– Iris : massage! “Massage “met woorden, je praat met iemand, en er komt iets los, je bent niet dezelfde persoon alleen, als met twee, of terwijl je deel uitmaakt van een groep, of een familie, of een gemeenschap. Een maatschappij geeft je gestalte, een zelfbeeld – maakt dat er iets in jou in beweging komt, iets van jou dat je anders niet zou kennen, Iemand die steeds alleen is valt stil. Wanneer je geen frequent contact hebt dan “verdroogt dat gebied” in jou doro gebrek aan stimulatie, net als bij massage!

Sommigen mensen kunnen heel goed aanvoelen waar ze anderen zouden kunnen masseren om hen goed te doen, om pijn weg te doen ebben. Dat hebben ze niet geleerd op een speciale cursus. Want het is niet iets dat door een opleiding aangeleerd zou kunnen worden.  Dat ontstaat door gevoel van zuivere invoeling.
Doordat sommigen zich goed in iemand anders kunnen verplaatsen  – tenslotte hebben we allemaal hetzelfde lichaam – misschien wel gelijkaardige genot en pijn punten.  Iedereen wil wat respect, erbij horen en zelfs bij conflicten en bij nederlagen een uitwijkmogelijkheid die open wordt gelaten, een vluchtweg.

Wanneer die mogelijkheid er dan niet is, – of doelbewust door de tegenpartij wordt belet,  ontstaat er wrok.
– Anker :  Door wie of wat?

– Iris : Omgang brengt wrijving mee. Positieve en negatieve krachten komen vrij bij ieder menselijk contact. Dat kan even stimulerend zijn als teleurstellend zijn.

– Anker : En wanneer er helemaal niemand is?

– Iris : Door niemand, door gebrek aan iemand , door te veel alleen te zijn verzuurt iedereen.
– Anker : En waarom kroop Sammy dan in een hoekje, waarom zonderde hij zich af?
– Iris : Wel, we hebben dat al even aangehaald, thuis kent hij geen …heeft hij zijn ouders nooit ervaren als invoelend, medelevend, betrokken, …ik weet niet wat het juiste woord is, hij heeft ze nooit ervaren als ….of misschien wel als klein kind,- maar daarna niet meer, …om verschillende redenen hij had daar zelf ook schuld aan, waarschijnlijk…wanneer je hier schuld zou kunnen inwerpen, – schuld  -in die zin dat hij zich steeds meer wou terugtrekken.
– Anker : Om zich veilig te stellen?
– Iris : Ja, zo zou je het kunnen noemen.  Om zich tegen aanvallen te behoeden. Het ouderlijk huis was wel een toevluchtsoord maar geen plek waar het kind zich als gewaardeerd, geapprecieerd ervoer, waar respectvol met hem werd omgegaan.
– Anker : Hielden zijn ouders dan niet van hun oudste zoon? Meen je dat!?
– Iris : Tja, het …eigenlijk wel, maar niet op een manier waarop het goed was voor het kind. – Ze hielden zeker erg veel van hem, maar gaven hem een verkeerde aandacht.
– Anker : Narcistische bezetting – heb je mij verleden week uitgelegd, heeft het daar mee te maken?
– Iris : Wel ja, daardoor ontstaat er iets dubbel in iedere omgang, die weldadige massage ervaren bij ieder positief contact, die helende kracht die koestert, dat miste hij wel.
– Anker : Maar Iris, ik kan mij dat allemaal toch moeilijk voorstellen, dit lijkt mij allemaal zo onwezenlijk, ook pijnlijk eveneens. Ik moet toegeven dat ik dat allemaal niet echt kan begrijpen of plaatsen.
– Iris : Ja, Anker, in een gezin kunnen de mooiste maar ook de lelijkste dingen gebeuren!
– Anker :Hoe bedoel je?
– Iris : Door dat gezinsleden zo sterk aan elkaar verbonden zijn, doordat ze zoveel samen hebben meegemaakt, zijn ze sterk aan elkaar gehecht. Zelfs zo sterk, dat therapie, of opvang daar nog maar weinig tegen in kan brengen.
– Anker : Niemand kan de pijn er nog uit masseren, eens dat die zich vastgezet heeft?
– Iris : Ja…,(zucht, kijkt op zij, aarzelt) Hoe positief en helend iemand ook opnieuw verwelkomd kan worden – dat ontvangst kan nooit die gezondmakende kracht leveren die nodig is om iemand helemaal van jeugdtrauma’s te bevrijden. Je mag ook niet vergeten dat de persoonlijkheid vorm werd gegeven mede door die trauma’s. Zoals een jonge boom is krom gegroeid – je kan de stam wel wat staken maar je kan er geen rechte boom meer van maken. (…aarzelt, zucht)  Maar …misschien hoeft dat ook niet! – We, we bekijken het nu zeer negatief. Maar trauma’s kunnen ook iemand sterken! Door kwetsuren wordt iemand gevormd, en misvormd misschien ook, gaat lijden, …
– Anker : Er zijn dus twee dingen: – ‘masseren’ hebt genoemd: het stimuleren, verwelkomen zoals je zegt, aanvaarden, respecteren van iemand –  dat het positieve in beweging brengt, en het omgekeerde – traumatiseren? – Hoe zouden we dat het best noemen?
– Iris : Wel, …wat zou het omgekeerde voor masseren kunnen zijn? Is er daar een woord voor? Slaan misschien?…Kwetsen?
– Anker : …Wacht nu even, “masseren” stimuleert de goede dingen: het voedende, dat wat kracht geeft.
kwetsen” doet krimpen.

Roept weerwerk op, stress, angst, onzekerheid. …Maar kan toch ook leren om weerbaar te zijn? Door geschonden te zijn wordt men ook opstandig?
Wanneer iemand nooit buiten  een hechte positieve omgeving treedt – nooit buiten zijn comforzone komt – kan die dan nog de wereld aan? – Deze harde maatschappij, die strijd, die sommige eider dag moeten voeren ook tegen onverschilligheid?

– Iris : Wel, Anker, het is net omgekeerd!
We putten allen onze kracht uit de waardering, steun, liefde, en knuffels die we als kind hebben gekregen. De moedigsten onder ons zijn degenen die het geluk hebben gehad om uit een warm nest te komen!
– Anker : Overdrijf je nu niet? Ik zou mij toch ook kunnen voorstellen dat mensen precies hun krachten puren uit hun ongelukkige jeugd – om dingen te veranderen – om niet op te geven te strijden tegen onrecht, enkele en alleen al omdat ze zelf zoveel onrecht of tekortkomingen hebben ondergaan?
– Iris : Ja dat kan ook – daarin heb je gelijk, iemand kan met zijn trauma’s zodanig omgaan dat die krachten zijn geworden, maar ook hier zie je hoe bepalend die jeugdervaringen kunnen zijn…Iemand die narcistisch bezet is geworden – zoals we verleden keer bespraken – is niet langs dat massagesalon gepasseerd – of heeft zichzelf een hele reeks bruggen dienen te bouwen om dagelijks met zijn gemis te kunnen leven, nog meer om het niet aan anderen over te dragen.

 

71 – Narcissus

– Iris : Narcistisch bezetting? Weet je wat dat is?
– Anker : Wat? Is dat niet iets van de Oude Grieken?  De titel van een treurspel? – Of een van je psychoanalytische termen?
– Iris : Ja, Anker, het is een term door Freud gebruikt!
– Anker : Iris – soms begrijp ik niet goed waar al die moeilijke termen voor nodig zijn. Ik versta mensen, en wat er tussen hen omgaat, het tussenmenselijke waar ik zelf ieder dag deel van uitmaak, en dat zit voor mij vol met evidenties – daarnaast – of daarrond – zoals je het wil, heerst er natuur en die probeer ik zo veel mogelijk door formules te beheersen. Wiskunde wijst ons daar de weg. Daar heb ik theorie nodig om praktijk te kunnen verstaan. Daar heb ik begrippen nodig zoals energie, en krachtkoppel, Ik kan hoeveelheden berekenen, de weerstand dat iets opwekt ,enzovoort – maar bij mensen stel ik mij die vragen niet. Zoek ik niet naar moeilijke woorden om te bepalen wat er gebeurt. Ik verwonder mij iedere dag over de andere, ik denk te weten wie mijn vrienden zijn en ook wel dat ik enkele vijanden heb, en dat er zeer zeker een heleboel mensen rond mij leven voor wie ik sympathie voel, en anderen waar ik collegiaal mee samenwerk, enzovoort, maar op dat gebied ken ik geen “formules” of begrippen. En ik voel daar ook de nood niet toe.
– Iris : Ik kan je begrijpen, Anker, maar Freud had die veelvoud van begrippen nodig – die hij veelal uit de Griekse tragedie haalde – om te kunnen benoemen wat hij ontdekte.
– Anker : Waarom kon hij dat niet simpel zeggen in gewone termen die iedereen verstond?
– Iris : Wel Anker, ik zal je een technisch voorbeeld geven dat je onmiddellijk zal duidelijk maken waarom dat zo was :

Kijk naar het oppervlak van het water – kijk naar een vijver, bijvoorbeeld bij vol daglicht.
Het water dat in voortdurende beweging is weerspiegelt heel de omgeving in de oppervlakte.
– Anker : Ja, het reflecteert, dat is duidelijk.
– Iris : Wel, deze weerschijn maakt het ons onmogelijk om er onder te kijken – in helder stilstaand water kunnen we soms vissen zien zwemmen en zelfs tot aan de bodem, maar wanneer het woelt door de wind bewogen, of wanneer het troebel is, dan is dat niet mogelijk.
Zo ervoer Sigmund Freud ook zijn patiënten met neurosen: zij schermden zich af van blikken in hun ziel zoals het reflecteren wateroppervlak.
Wat Freud heeft gedaan is een periscoop voor de ziel uitvinden, zo zou je het kunnen noemen, iets waardoor hij onder het oppervlak kon zien. Deze periscoop noemde hij “psychoanalyse” en de onbekende vissoorten die hij op die manier kon ontdekken diende hij zelf te benoemen – zoals iedere onderzoeker of ontdekkingsreiziger – en daarvoor greep hij graag terug naar de Griekse mythologie.
– Anker : En vandaar komt dus dat begrip “narcistisch”?
– Iris : Ja, Inderdaad! Narcissus was verliefd op zijn spiegelbeeld dat door het wateroppervlak werd weerspiegeld.
– Anker : En “bezetting”?
– Iris : “Narcistische bezetting van een object” noemt Freud, (een beetje on-respectvol) het kijken, het ervaren van iemand anders als een stukje van jezelf. Bij narcistische bezetting “zie” je de ander niet maar projecteer je jezelf in hem, of in haar. Je hebt dus geen werkelijk contact met die persoon.
– Anker : mmm…Ja, maar zijn we …eigenlijk zijn we allemaal een beetje zo,- we herkennen in de andere dikwijls onze eigen trekken, of verwachtingen, zelfs vooroordelen.
– Iris : Zo is dat! Maar bij narcistische bezetting gaat dat wel heel ver! Er is dan geen sprake meer van een gezonde relatie. Verblinding is het, narcistische bezetting wil zeggen dat je zo verblind bent geraakt door dat wat je van een persoon verwacht, hoopt of vreest, – door alles wat je zelf in die persoon hebt gestopt, dat je onmogelijk nog onmogelijk een andere vorm van contact kan hebben. Een vorm van waarachtig, invoelend contact.
– Anker : Je ziet in iemand enkel wat je zelf wil zien. Bedoel je dat?
– Iris : Ja, dat is het inderdaad!
– Anker : …Goed, ik geloof dat ik dit begrijp, maar wat heeft dit nu van doen met ons verhaal over Sammy?
– Iris : …Wel, ik geloof dat Sammy’s vader, zijn zoon “narcistisch bezette” – hij zag niet meer wie zijn zoon was, hij slaagde er niet in om zich in hem in te leven, deed geen poging om het te verstaan en werd enkel verblind door het beeld dat hij zelf op zijn zoon overdroeg.
– Anker : Alsof Sammy voor zijn vader steeds een masker droeg?
– Iris : mmm…Ja, omgekeerd eigenlijk! Het was de vader die Sammy zijn eigen masker had opgezet!
– Anker : Je bedoelt dat er nooit …dat vader en zoon nooit echt contact hebben gehad…
– Iris : …Ja, (…) dat kan gegroeid zijn, … door de jaren heen, …misschien
was er een cruciale leeftijd waarop dat begon… Samenvallend met gebeurtenissen uit zijn eigen jeugdjaren?
– Anker : …De oorlog? Sammy’s vader groeide op tijdens de oorlog – daar wees je vorige keer reeds op…
– Iris : Ja, de oorlog zal daar zeker wel iets mee te maken hebben gehad, we zouden kunnen nagaan wanneer Sammy zich zo begon op te sluiten – Was dat vanaf zijn veertiende?
– Anker : Wel, dat zou inderdaad overeenkomen met de oorlogsjaren van zijn vader, inderdaad, bijna dag op dag geloof ik, kunnen we dat nagaan?
– Iris : Wat ik bijeen heb gesprokkeld verloopt niet steeds erg chronologisch, en ik heb die gegevens erg vrij geïnterpreteerd…, intuitief zeg maar… het zou kunnen maar… …Ik zou het eerder zo willen stellen dat de oorlog (en wie weet wat nog meer!) een zodanige invloed op Viktor heeft gehad dat …
– Anker : Ja, dat vertelde je laatste: dat Viktor de rol van zijn vader had overgenomen tijdens de oorlogsjaren?
– Iris : En dat hij sinds de geboorte van zijn oudste zoon -Sammy- in hem iemand zag die later zijn plaats zou innemen, die hem in zijn eigen huis zou verstoten, die de zorg voor het gezin ook op zich zou nemen – die zorg die hij zelf dan niet mer zou kunnen toedienen… waardoor hijzelf, als vader, zijn rol in dat gezin uitgespeeld zou zien, uitgeleverd aan zijn zoon.
– Anker : Zorg en afhankelijkheid zijn begrippen die hier voortdurend terug komen.
– Iris : Ik heb ook gemerkt dat Sammy’s vader het steeds weer heeft over “een derde wereldoorlog” – Sammy groeit op tijdens de “Koude Oorlog” en de vrees voor escalatie, of de bom is nooit ver weg in die jaren.
– Anker : …Heeft, eeuh, wacht eens even …er zit toch iets dubbel in je voorstelling van zaken: aan de ene kant vreest Sammy’s vader de oorlog “omdat dit zijn zoon naar voren zou brengen” en aan de andere kant is de oorlog deze periode waarin hijzelf heeft ervaren dat zijn omgeving sterk van hem afhankelijk wordt, een oorlog zou dan uiteindelijk – in Viktor’s ogen – zijn zorgende positie tegenover zijn zoon en het gezin versterken en niet verzwakken? Is het zo niet?
– Iris : Ja, … maar het gaat over generaties, …over een generatiestrijd, een ouder wordende generatie en een opkomende. De laatste generatiekloof. In een tijd waarin de wereld snel verandert, …
– Anker : De wereld verandert op zo een manier dat de vader er zich minder en minder in zal kunnen herkennen en dat de zoon meer en meer punten van identificatie in die nieuwe dingen ontdekt…
– Iris : Ja dat is er zeker ook, die snel veranderende wereld in de loop van de tweede helft van vorige eeuw…de generatiekloof
– Anker : Een generatieconflict versterkt door “narcistische bezetting”?
– Iris : Ja, dat is er alleszins een stukje van…
Maar er is meer…

63 – Eerlijke kansen

 9’33”

 

 

– Iris : – Dus: we hadden gezien: Sammy schrijft om zichzelf te leren kennen…
Misschien ook wel een beetje uit narcistische zelfbespiegeling?
– Anker : Hij dacht van zichzelf dat hij wel iemand bijzonder was, maar wat dachten de anderen daarvan?
– Iris : wel, er zijn enkele nota’s van een psycholoog…
– Anker : Hoe? Wat? Een psycholoog? Waar heb je die gevonden?
– Iris : een schemaatje, niets meer, iets met “DSM2” – als je dat wat zegt
– Anker : Wat wil dat zeggen?
– Iris : Dat wil zeggen dat iemand ooit  een persoonlijkheidstekst van Sammy heeft afgenomen, Anker!
– Anker : Ja, en?
– Iris : Wel – dat hij helemaal niet zo bijzonder was als hij wel van zichzelf dacht – maar eigenlijk lopen we nu te veel vooruit op ons verhaal
Het belangrijkste hebben we nog niet verteld!
– Anker : Tja, ik wist niet goed of ik dit zonder jou dit nog verder zou willen doen, ik heb erg getwijfeld. (…) – En er zijn ook die reacties van onze lezers en volgers…
– Iris : Ja, die zullen nu toch nog eventjes moeten wachten, maar het moeilijke en het meest duidende dat we over onze Sammy  kunnen onthullen is precies dat wat er zich heeft afgespeeld tijdens deze “lange periode van stilzwijgen” – die periode waar we haast niets over hebben kunnen terugvinden. Ook weinig foto’s…
– Anker: …Hij werd zelden gefotografeerd in al die jaren – nogal wiedes wanneer je niemand kent…

– Iris : Ook niet door zijn ouders of familie?
– Anker : Eigenlijk niet, maar we hebben nog die 8 mm filmpjes – indien we zo’n projector zouden vinden om die af te spelen…
– Iris : Was die hier dan niet?
– Anker : Neen…of ja toch… maar we hebben een aantal spullen van de hand gedaan en niet meer gedacht aan…
– Iris : Die periode moet zo rond zijn 14 de zijn begonnen, en heeft geduurd tot ach…heel zijn leven eigenlijk …maar laten we zeggen tot zijn 19de, want dan verandert er voor Sammy aanzienlijk veel.
– Anker : Ja – dan gaat er blijkbaar een wereld voor hem open!
– Iris : Inderdaad, – Anker : … maar …
– Anker : Maar wat?
– Iris : Laten we toch niet te veel op de zaken vooruit lopen.
– Anker : Geef het leven zijn eerlijke kansen zou ik zeggen!
– Iris : Huh? Wat?
– Anker : Ik citeer Sammy.

– Iris : (glimlacht)

0’00”

60 – Onder de Feesttent

Iris kan zich nu even niet met Sammy bezighouden – al haar energie gaat naar haar zieke moeder die nu bij haar inwoont. Onze buurvrouw ziet er niet zo best uit, haar blik eerder naar de grond gekeerd – ze klaagt over duizeligheid en paniekaanvallen. Wij weten niet goed wat we best doen…

Kunnen we haar opvangen? Mijn vrouw onderhoudt lange gesprekken met haar.

En eerlijk gezegd, het wordt mij soms te zwaar, die teksten van Sammy.

Ik zie het voor het ogenblik ook niet meer zitten om ze verder te lezen.

Iets houdt mij tegen, ik heb mijn sympathie voor hem verloren.

Hoe kan dat nu – hoe kan iemand zo met anderen omgaan! Hoe kan iemand zo egoïstisch zijn!

Zijn teksten missen ongeveer alles wat men van een leesbare tekst zou kunnen verwachten. Waarom maakte hij al deze nota’s? Waarom schreef hij al deze bond gekleurde schoolschriftjes vol ?

Ik zal jullie niet verbergen dat ik soms van hem walg. Dat hij mij misselijk maakt en dat ik goed kan begrijpen waarom uiteindelijk iedereen hem verliet.

Jullie christendom – dat ik iedere dag met de grootste verwondering aanschouw – heeft het over “naastenliefde en vergevingsgezindheid” – wil dat ook zeggen dat je een zelfzuchtige brompot die alleen in zijn hol wil kruipen ook leuk moet vinden?

Tijdens zijn leven heeft niemand dat blijkbaar gedaan, waarom zou ik het dan nu voor een mopperende geest moeten opnemen?

Een zeurkous van een spook?

Is onze interesse voor hem niet een beetje ongezond – zoals Maria-Letizia daarnet fijntjes opgemerkte – wel, rechtuit – we hebben het een beetje gehad met Sammy!

Nemen we een pauze? Of trekken we definitief de stekker uit?

Sammy schreef uit narcisme. Uit drang naar zelfbespiegeling.

Hij vond het interessant om met zichzelf bezig te zijn.

Spon een web rond zich van eigenliefde waarin hij zichzelf opvoerde slachtoffer. – Slachtoffer van wie? Waarom? Week zelfbeklag?

Het lijkt mij plots allemaal onbeduidend wat wij hier aan het doen zijn.

Sammy leefde onder de indruk dat iedereen om hem heen het eigen bestaan goed bij elkaar had. Hij was steeds de uitzondering, de enige die uit die dagelijkse stoelendans viel – Anderen wisten wel hoe hun houding te bepalen,  -hun toon, – hun stem, – hun uitdrukkingen te bemeesteren, en hij kon dat niet.

Hij stond onhandig, als op hoge poten te midden van soortgenoten die door het leven dansten (“onhandigheid”  was één van de meest gehoorde verwijten die zijn vader hem regelmatig toesmeet) Sammy wist nooit hoe zich te gedragen – vond zijn plaats niet-  kende geen woorden of begrippen waarin hij zich in herkende, struikelde door het leven.

Dacht zich doorzichtig, zonder verweer.

Kon nergens zijn authentieke zelf zijn, zijn eigen stem horen tussen het koor van al degenen die zo goed wisten wie ze waren en waar ze stonden –  Die iemand in de wereld waren of iemand binnen een vriendenkring, iemand waar naar werd geluisterd – die gerespecteerd werd, gevierd werd, voor zichzelf durft opkomen, succes kent. – (Succes bij de meisjes?)
Dat eigen “ik” blijkt Sammy nooit te hebben gevonden (ik loop hier vooruit, ik weet het, ik weet meer dan jullie, omdat ik er nog niet toe gekomen ben dat allemaal hier neer te schrijven wat ik gelezen heb! )

Sammy worstelde met denkbeelden als “determinisme” – een begrip uit de lessen filosofie aan de universiteit. “Ik leef onder de dwang van het fatum” – zo schrijft hij het ergens – pathetisch! –

Alles stond vast. Het universum verloopt bepaald. Aan je lot kon je onmogelijk ontsnappen, hoe hard je ook je best deed, want zelfs deze gedachten, dit vermoeden van de bepaaldheid der dingen, was reeds gedetermineerd, lag reeds vast van in het prille begin der tijden, in onverbreekbare ketens van oorzaak en gevolg. Sammy was slechts een schakel op een ongelukkige plaats. Hoe kon hij dan verantwoording afleggen voor zijn falen! Hij was niets. Niemand! Een schakel die slaaf was van een bestemming die voor hem onzichtbaar bleef.

Sammy’s vader zetelt als op een troon daar boven hem en oordeelt. Of  zijn ouders zitten op gerieflijke kussens in de loge aan een enorme arena, een koningspaar dat toeziet hoe hij het er in het leven van af brengt, hoe hij strijdt, en iedere keer weer faalt, of het laf op een lopen zet.
Sammy struikelde van de ene situatie in de andere, geraakte verzeild op plaatsen waar hij nooit had willen zijn. Was stuurloos temidden van alle menselijke bewegingen om hem heen.

Sammy was op vlucht.

Hij was voortdurend op de vlucht.

Het schrijven treedt op in een poging om al die zwalpende bewegingen onder controle te kunnen krijgen, een poging tot een overzichtelijker beeld waar hij steeds weer in mislukt. Gedoemd is te mislukken – niet wil lukken of niet kan lukken? Waarom?

Steeds weer wentelt hij die steen naar boven die daarna onherroepelijk terug naar beneden rolt.

-Liefst had hij alles willen herdoen, de schooltijd, heel zijn leven, zijn hele bestaan.

Hij dagdroomde over hoe het zou zijn om plots wakker te worden op een dag in het verleden – op een moment waar het geheugen de toekomst zou zijn, zodat hij telkens zou weten wat kiezen, weten wat te zeggen, – hoe zich te gedragen.
Want hij wist niet wie hij was , waar hij stond of waar hij naartoe wou, – welk beroep hij zou kiezen, welke rol hij zou spelen in een maatschappij waartegen hij zich wilde verzetten. Die hem schijnheilig en corrupt voorkwam, die beheerst werd door een oppermachtige oude generatie. Die een meute conformisten en ja-knikkers achter zich aan sleepte.

Maar er was wel een nieuwe generatie op komst.
Jongeren die een nieuwe wereld wilden van liefde en diepe betrokkenheid met de natuur. Die naar andere muziek luisterden, lange haren en loshangende kleren droegen, gitaar speelden en avontuurlijk leefden.

Jongeren die zich wilden bevrijden.

Maar ook daar kon Sammy niet bij horen. Hij kon hun uitbundigheid niet aan, hij kon zich nooit laten gaan, een hark die niet dansen kon, een geharnaste die niet knuffelen of zoenen kon.  Het was alsof zijn vader keek steeds scherp toekeek en streng deze “nieuwe generatie” veroordeelde   – Sammy moest naar de kapper. Zijn haar kort moest Amerikaans of er zwaaide wat! – Mocht niet naar popmuziek luisteren, en wist tenslotte zelf niet meer of hij er wel van hield of niet.
Hij voelde zich als geketend in een kerker onder een markt waar iedereen feest vierde – Een gigantisch bontgekleurd feest  hij zich dat enkel kon voorstellen bij het horen van die stortvloed van lachende kreten en heftige muziek aan de overzijde.

 

 

 

een tijdje zonder

Jullie zullen het een tijdje zonder berichten over het leven van Sammy moeten stellen.

– Iris wordt helemaal opgenomen door de zorg voor haar moeder.

– Crisis op mijn werk (ik hoop dat we in dit land nog een tijdje zullen kunnen blijven)

even niet dus

 

 

Terug

We zij net terug.

Net, terug.

Uitpakken, Iris nog niet gezien

Op het tafeltje in het achterhuis ligt geen bericht.

wel…wat kan ik jullie dan vertellen?

Niets?

De rompslomp van onze terugreis?

Wie zou daar wijzer van worden?

Wachten op de luchthaven

drukte – daardoor lijkt het wel of de vitamines van rust uit mijn lichaam vervlogen zijn.

De kinderen zijn moe maar monter.

Maria-Letizia schakelt tijdens zo een reis over naar haar “organiserende modus”:

Ze wordt de stengel in de branding: ze staat, recht en lenig, schouwt overschouwt alles met haar flitsende blik en leidt alles in goede banen

Alles ziet zij eerder dan ik – aan welke rij we beter aanschuiven in de luchthaven .
Hoe we best onze taken verdelen.
Waar we de bus we dienen te nemen.

En ik loop daar zo maar bij met onze kleinste op mijn rug -moe maar gerustgesteld.

Dus, voilà, we zijn terug.

Morgen weer aan de slag en de kinderen terug naar school.

Aanstaande donderdag spijbelen ze mee met de Belgische jongeren.

Ja het is hun toekomst, en hun mama stapt met ook mee.

… en ik zou

 

Anker! Anker! Waar ben je? – hoor Maria-Letizia roept mij

neen, nu geen tijd

Volgende week beter!

Dan hervatten we onze zoektocht naar de geheimen van Sammy