62 – Het Weefsel

 

 9’10”

Anker – Waarom lezen Sammy’s teksten zo moeizaam?

Iris – Omdat…omdat hij zich aan ons wil voordoen.  …- omdat hij een rolletje speelt waarachter hij zich verbergt.

Anker – Verbergen voor wie? – Voor ons?- Wie zijn deze lezers?
Wie had hij gedacht zijn lezers te zullen zijn? Er was toen helemaal niemand!

Iris – …Dat wat hij schreef was inderdaad nooit tot iemand gericht. Daar heb je gelijk in, ik denk dat hij voor zichzelf schreef- hij gebruikte soms een soort geheimtaal, een code…

Anker –  Waarom? Kon dat te maken hebben met zijn isolement?  – Geraakte hij achter op zijn leeftijdsgenoten door isolatie?

Iris – … of was het net andersom!? – Je moet je ook voorstellen dat  Sammy op 19 jarige leeftijd zeker niet de rijpheid bezat van zijn leeftijdsgenoten!
Hij bleef wat achter. …Sociaal dan toch. In zijn omgang met de anderen…

Anker – Naar de universiteit gaan, naar de hoofdstad, vertrekken uit de Grauwegomme – een provinciestadje waar nagenoeg iedereen iedereen kent – in een heel andere leefomgeving terecht komen – het studentenleven van mei 68! Dat moet toch iets voor hem hebben betekend?

Iris – Ja, inderdaad, de “Summer of Love(lacht) – die tijden van seksuele bevrijding – Sammy heeft op dat moment helemaal géén seksuele ervaring  gehad…en hij had weinig of geen vrienden zoals we hebben kunnen opmaken.

Anker – Ja, hij heeft haast helemaal geen omgang gehad met leeftijdsgenoten!

Iris –  ja, zo is dat! – Sammy had geen vrienden,-  rende van de school onmiddellijk naar huis – sloot zich op, zelfs de luiken bleven neergelaten! – Kijk, hier staat het …lees hier, bij schrijft dat hij naar muziek luisterde tot precies 10 voor 6,  want dan hoorde hij de sleutel in het slot draaien – Dat was het moment waarop zijn ouders thuiskwamen, terug van hun dagtaak en even daarna bracht grootmoeder zijn jongere broertje Rudy.
Vader en moeder spraken weinig met elkaar. – Of ze hadden ruzie. Aan tafel ging hun aandacht vooral naar de drie jaar jongere Ruddy.  – Wat Sammy blijkbaar niet opmerkte was dat zijn ouders bij het avondmaal hem nooit aankeken! Ze sloten hem uit met hun blikken. Bijvoorbeeld… Hier schrijft hij dat vader regelmatig schrijlings aan tafel zit, met de rug naar hem.

Hier kijk : Vader steeds klaagt over de kwaliteit van het eten, – die soep is zuur!  Die kan ik niet eten!- roept hij uit, en zet demonstratief zijn bord tegen de grond. De hond komt aangelopen, snuffelt even aan de teljoor en loopt dan weer weg –  wat vader weer een nieuwe reden om spotten geeft. Het avondmaal is iedere dag een moment van spanning – iedere keer dat de familie samenkomt heerst er die druk –  en die wederzijdse verwijten

Anker – Inderdaad, ja – Sammy zal iedere bijeenkomst rond een tafel ervaren als spanning – iedere vorm van samenkomst die er uitziet als die van een gezin wordt door hem als spanning , als druk, ervaren, schrijft hij later. –  Maar… waaruit heb je kunnen opmaken dat zij “niet naar hem opkeken”?

Iris –… Tja, …(stilte)

Iris – Ja, … je voelt dat aan, – dat blijkt uit hoe hij dat allemaal vertelt … hij geeft nergens aan dat ze belangstelling voor hem hadden – of dat ze vragen stelden zoals – hoe was het geweest op school? – bijvoorbeeld – of hoe is het met je vrienden gesteld? – net al die dingen die gezelligheid in een gezin brengen, die dagelijkse kleine attenties- …Zelfs als zou Sammy gepraat hebben dan was er niemand om naar hem te luisteren. Zo te zien heeft niemand hem  nooit aangemoedigd tot spreken! Of belangstelling getoond voor wat er in hem omgeing, of  zelfs maar een teken gaf waarmee zijn aanwezigheid bevestigd of op prijs werd gesteld! Je kan gerust zeggen dat zijn ouders -misschien wel gans zijn familie-  Sammy’s aanwezigheid als een last beschouwden… kijk hier schrijft hij dat zijn moeder zijn blik niet kan verdragen en dat ze fel uitroept waarom bekijkt ge mij altijd zo! 

En wanneer buren opmerken dat hun oudste zoon altijd zo stil is, zo schuchter – ‘”is hij soms ziek?” vraagt er één – “neen, Sammy is gewoon zo” – antwoordt zijn moeder.
Alsof het de doodgewoonste zaak van de wereld is.

(stilte)

Anker –  …En wat gebeurt er wanneer hij 19 werd? –  Ging hij niet wekelijks naar “De Grommel” Had hij dan daar geen vrienden? –  Dat jeugdhuis werd zijn “leerschool” is het niet? – Hier leert hij eindelijk met leeftijdsgenoten om te gaan. Hier leert hij pas praten met de anderen?

Iris – …mmm, Ja zo is dat! – een soort leerschool! – Dat heb je goed verwoord…De Grommel is zijn sociale leerschool – Hier krijgt hij gaandeweg een beeld van zichzelf en schrijft over die ervaringen om uit zichzelf wijs te kunnen geraken. Om zich een speigel voor te houden. Dat is eigenlijk de reden waarom hij dat dagboek bijhoudt. Hij probeert steeds opnieuw om tot inzicht in zichzelf te komen. Hij probeert te weten te komen wie hij in wezen is…

Anker – (schraapt zijn keel) ja, kan je dat wat meer verduidelijken?

Iris – Wel Anker, het is  heel gewoon – Kijk maar naar het gedrag van de mensen om je heen! Kijk naar iemand die met een klein kind omgaat, bijvoorbeeld – die doet ook een beetje “kinderlijk” – je richt je steeds naar de andere, in je daden,  en in de keuze van je woorden, zelfs in je lichaamshouding. Je gedrag maakt deel uit van een “gemeenschappelijk” of maatschappelijk-  of groepsgedrag.
En door die praktijk, door die ervaring, door het dagelijks doen kom je gaandeweg aan de weet wie je zelf bent! …door de manier waarop anderen je bejegenen, reageren op je gedrag, door uitdagingen soms, door plagerij, door samen met leeftijdsgenoten op te trekken je komt te weten kom je te weten wie je zelf bent – of, beter gezegd – je ontdek jezelf en de anderen! …In en samen met de andere! Zo is dat! (glimlacht, wacht op een reactie die er niet komt)
– Dat is trouwens wat ieder jong mens doet – hij leert te zijn wie hij is te midden van leeftijdsgenoten – de “peers” zoals men dat noemt – en dat is precies wat aan Sammy tot dan toe heeft ontbroken!

Anker – Doordat Sammy minstens vijf jaar met niemand had gesproken – doordat hij in die tijd enkel fysiek aanwezig is geweest – zeg maar- kon hij al deze sociale verworvenheden niet leren. Al die gewone dag-daglijkse gesprekken, en de dingen  die je noodzakelijk op die leeftijd doormaakt   –  die waren gewoon nooit opgetreden! Die kende hij niet door afzondering. Dat is wat je bedoelt?

Iris – Wel, Anker, Sammy vervreemde van zijn omgeving op een leeftijd die precies cruciaal is om deze sociale verworvenheden aangeleerd te krijgen!

Anker – En dat probeert hij nu in te halen door te schrijven?
…door over zichzelf te schrijven?

Iris – Ja, zo is dat! … en hij doet dat in de woorden die hij kent. De begrippen, de zegswijzen, uit liedjesteksten en uit de populaire romans uit zijn tijd, en uit de schoolse taal – niet zozeer de spreektaal van onder vrienden, want die kent hij niet! Die klinkt niet door in het dagboek…

Anker – …De schrijvers van de bevrijding van de jaren zestig in Europa en Amerika…

Iris – Ieder ding dat hij ontmoet, iedere zaak waarop hij zijn eigen reacties min of meer kan vaststellen om het in Sammy’s taal te zeggen – fungeert als een loskomend draadje van een weefsel dat hij steeds verder zal trachten te ontrafelen.

Maar doordat hij zelf niet weet wie hij is – of nog beter – doordat hij zich enkel heeft kunnen spiegelen aan – aan “bolle en holle spiegels” – ja, zoals in een spiegelpaleis – is hij nooit gekomen tot een ‘recht spiegelbeeld’  – een rechtmatig beeld van zichzelf – een beeld waar hij vrede mee kon nemen, en dat overeenstemt met dat wat de anderen van hém hebben…En ondertussen doet hij zich voor, speelt hij een soort rolletje of een opeenvolging van rolletjes.
Anker : Daarbij doet hij zich voor – doet hij zich voor aan wie?
Speelt hij een rol voor wie? Zijn schrijfsels zijn toch aan niemand gericht?

Iris: – Ja, hij doet dat enkel voor zichzelf voor… hij doet zich aan zichzelf voor, zou je kunnen zeggen.
Hij speelt hij een rol – of ontdekt zijn plaats in de wereld, zijn eigen rol, zoals iemand die voor het eerst zijn beeld in een spiegel ziet, of zijn eigen stem hoort op een bandrecorder, of op film of foto.

Anker : ja, maar er zit mij nog iets dwars…”eigenliefde”?

Iris – Ja, …(zucht) …Maar daar zit ook iets erg jammers in –
– wanneer je  jezelf een geschreven rol toebedeelt-
– wanneer je een dagboek houdt waarin je zelf als personage optreedt – dan geraak je daardoor  ook wat verstrikt.  Het krijgt in iets gekunsteld, zoals je houding voor de spiegel in een pashokje met een nieuw pak.
je wordt dan zelf dan even tot personage, je vertolkt even je eigen voorgeschreven rol
je wordt een moment bordkarton, en die vertolking schrijf je neer…

Een schaduwspel, een rol in een theaterstuk.

Ervaringen vast leggen is ongeveer het tegenovergestelde…

 

Anker : Wil je dat even uitleggen?

Iris : Stel je even een reisverhaal voor,  – in een reisverhaal probeer je je nieuwe ervaringen vorm te geven. Je beschrijft het verloop van de tocht, wat je hebt gezien en meegemaakt, de mensen die je hebt leren kennen, dingen die je bijzonder zijn opgevallen, en ook wel de problemen onderweg… Die prikkels, die dingen die op je afkwamen… Onderweg leer je jezelf kennen. Misschien daarom dat jongen mensen soms beslissen van alleen op reis te gaan. Ze zoeken naar zichzelf. En daar kan je zijn leven op negentienjarige leeftijd een beetje mee vergelijken – en het schrijven was zo zijn middel… Eigenlijk kende hij op dat moment waarschijnlijk niets anders, las hij romans die  zelfbespiegelend waren, zoals er in die tijd heel wat zijn geschreven. Sammy’s dagboek is haast een zelfportret is met gesloten ogen

Anker – Maar, Iris, doen we dat ieder van ons op onze een eigen manier?
…Misschien niet  zozeer door het schrijven van een dagboek – Spelen we niet elk onze eigen rol, zolang we ons blijven bewegen binnen onze comfort-zone? En kent ieder van ons niet dat moment waarop we even over de haag kijken, in de verte, ons losmaken van onze omgeving en achter ons masker kijken?

Iris – Ja Anker, maar je hebt niet goed geluisterd, ik heb gemerkt dat je even weg was met je gedachten.  Denk er maar nog eens over na…

Anker – Huh! Ja…(lacht)

 

 

 

 

Advertenties

0 – Sammy

 

 

Sammy

Ramses Shaffy

Sammy loop niet zo gebogen
denk je dat ze je niet mogen
waarom loop je zo gebogen Sammy
met je ogen Sammy op de vlucht
hoog Sammy
kijk omhoog Sammy
want daar is de blauwe lucht

Sammy loop niet zo verlegen
zo verlegen door de stegen
waarom loop je zo verlegen Sammy
door de regen Sammy van de stad
hoog Sammy
kijk omhoog Sammy
want dan word je lekker nat

Sammy
kromme kromme Sammy
dag Sammy
domme domme Sammy
kijkt niet om zich heen
doet alles alleen
en vind de wereld heel gemeen

Sammy wil bij niemand horen
zich door niets laten verstoren
toch voelt hij zich soms verloren Sammy
hoge toren Sammy kan niet aan
hoog Sammy
kijk omhoog Sammy
want daarboven lacht de maan

Sammy wilt met niemand praten
maar toch voelt hij zich verlaten
waarom voel je je verlaten Sammy
op de straten Sammy van de stad
hoog Sammy
kijk omhoog Sammy
want dan word je lekker nat

Sammy
kromme kromme Sammy
dag Sammy
domme domme Sammy
kijk niet om zich heen
doet alles alleen
en vind de wereld heel gemeen

Sammy wil heus wel veranderen
maar is zo bang voor de anderen
waarom zou je niet veranderen Sammy
want de anderen Sammy zijn niet kwaad
hoog Sammy
kijk omhoog Sammy
anders is het vast te laat
Sammy loopt maar door de nachten
op een wondertje te wachten
wie zou dit voor jouw verzachten Sammy
want jou nachten Sammy zijn zo koud
hoog Sammy
kijk omhoog Sammy
er is één die van je houdt

40 – De Fiets

FIETS

Door Iris Nachtegaal

Fietsen is een feest!
Het feest van de vrijheid.

Hier nikkelblinkend in de zon!
Rood-wit het frame met daarop
“Flandria” in sprookjesschrift,
oranje de dikke banden en
bruin uitnodigend een driehoekig zadeltje.
En een bel met zilveren gerinkel.
Eindelijk weg het driewielertje.
Trappers die Torpedotrappelen,
gewonnen-verloren gewonnen-verloren
een feest van lichten, spaken met vele schichten

bolebolebole bolebolebolebolebolebolebolebolebole

Deze fiets zou de wereld voor Sammy openen.
Met deze fiets zal hij de ruimte in snelheid doorklieven, met onmetelijke verkenningsmogelijkheden

Snelheid snelheid, de wereld raast voorbij, sneller dan lopen, losmaken van de aarde, vooruitschieten, nu ben ik hier, nu ben ik daar, niet hier niet daar, ik ben vooruit, en ben
tegen, tegen de wind, tegen de zwaartekracht.
Tegen alles was vasthoudt en gevangen houdt – dit is is vrij zijn!

Laat ze nu maar rennen!
Grootmoeder en grootvader kunnen mij nu niet meer aan, niemand kan mij inhalen als ik dat niet wil!
Ik ben nu hier ik ben nu daar en straks ginder.

De wind is wind is snelheid streelt langs de wangen in het gezicht speelt en fluit en schreeuwt;

Vluchten van het licht in de schaduw van de bomen in het park in het flitsend licht tussen de bladeren steeds rond en rond het vijvertje en vooruit en weg weg!
Het piepend melodietje van wielen en ketting.

Bollebollebolle!

Rik Van Looy! – Rik Van Looy!! – Rik Van Looy!!!