24 – Het Vliegen

Ik laat ons onderzoek (mag ik het zo noemen?) tegenwoordig vooral over aan Iris.
Ze heeft ook een sleutel van het achterhuis gekregen en neemt daar regelmatig mijn plaats in.
Door het gat in de haag verschijnt ze dan in onze tuin en stapt door de sneeuw naar het gebouwtje tussen de populieren.

Ik heb het momenteel te druk.
Ik kom later thuis, en mijn vrije tijd gaat vooral naar de kinderen.
Maar in het weekeind ga ik eens kijken hoever ze daar staat.

Er ligt dan meestal een bladzijde of twee, volgeschreven met haar nette handschrift.
Ze gebruikt daarvoor het vergeelde lijntjespapier uit de atoma-schriftjes die Sammy onbeschreven liet.
Haar rond regelmatig meisjesgeschrift is makkelijk leesbaar.
Heel wat anders dan die hanenpoten van Sammy!
Ik typ ze voor U over naar dit blog:

Vliegen

Door Iris Nachtegaal

Trappers, pedalen, karkas, alles rammelde over de hoekige straatstenen wanneer de rode pedaalauto van Sammy en Ruddy voorbijraasde.
Voetgangers sprongen soms kwaad opzij.
De oude wekker die Sammy in het tuig had verborgen ratelde tegen de metalen kast – dat gaf een motor-achtig geluid, dat passanten vragend deed nakijken.

Door hard te rijden leek het of hij zich even van de wereld kon losmaken.
Losmaken van deze plaats.
Bewegen is beloven.
Rijden met een automobiel.

snelheid is vrij zijn.
Vrij waren vooral de vliegtuigen van het nabijgelegen vliegveld die soms laag over de daken scheerden.

Vliegen, zich losmaken van de grond, vrij zijn, weg van alle pijn.

Weg van het gebakkel, de regels, de wetten, de controle der grote mensen, de school en de streng kijkende agenten.

Ongrijpbaar worden,

onaards,

boven de wolken zijn,

grenzeloos zijn zoals goden.

Het gemakkelijke leven der engelen,

die aan geen aardse kwalen lijden,

geen pijn geen dreiging,

geen vernedering

geen debacle dienen te ondergaan.

Advertenties